B&B 
& Vakantiewoning Kunners

Geschiedenis

De geschiedenis van boerderij Kunners gaat al heel lang terug. De boerderij stamt uit het begin van de 17e eeuw. Boerderij Kunners heeft ook nog gebintwerk in de voor en zij gevel, en is dan ook al heel oud. De tot nu toe oudste vermelding komt uit 1615, maar de boerderij heette toen nog geen Kunners, maar Goorshuis. 


In het rechterlijk archief van Bredevoort vinden we de volgende overeenkomst: 

Lunæ 23 Octobris A° 1615 - Drost und Richter Gosswin van Lawick, Cornoten Johan ten Berge, Peter Cloeck. Erschenen Geesken Onnekinck, wedtwe wilne Willems ter Woert, mit Derick Weddelinck haren tot deser saecken erkorenen und toegelatenen Mombaer, die bekande vermitz authoriteit hares Mombaers vorschreven, voer sich, haren Kinderen und erven, voer eene walbetaelte Summa geldes, rechtes steden ewigen und onwedderroeplicken erffkoops avergelaten und verkofft toe hebben, gewoontlicken Heeren dienst und Jaerlicxen thins des Huijses Bredeforth. Derck Haegens Jenneken eheluiden und haren erven, haer der Verkoperschen Cavenstede, die Goors Wohninge genoempt, inden kerspell Wenterschwick, baven buerschap van Cathen, mit eener sijdt an den Verdinck Haer, mitter ander sijdt anden Vehrbrinck gelegen, mit eenen ende ande Goir mate, mitten anderen ende anden Wierkamp schietende, mit desselven olde und nije toebehoer und gerechticheit, voer doerslechtich kummerfrij, uthbescheiden.

Een van de oudste documenten, waar alle boerderijen in Kotten vermeld worden is een Verpondingskohier uit 1647. (Verponding was een soort grondbelasting) De naam was toen nog: Goorshuis, een kaeter (keuterboerderij)

Pas begin 18e eeuw verandert de naam Goorshuis in Kunners. Zoals in de akte uit 1615 te lezen valt wordt de nieuwe eigenaar Derk Haegens, die weliswaar eigenaar van de boerderij was, maar er niet woonde. Dat gold voor bijna alle boerderijen. Acht boerderijen in Kotten waren van het klooster in Burlo, drie van de Graaf van Bentheim, twee van het klooster in Vreden en twee van het huis te Bredevoort. De overige boerderijen in Kotten waren in het bezit van particuliere eigenaren, soms kapitaalkrachtige Winterswijkers uit Winterswijk.

De grootte van de boerderijen afgemeten aan bouwland varieerde tussen 6 en 11 molder (een molder is 0,56 Ha). De keuter boeren waren vaak maar een Gelderse schepel (1450 m2) groot. De grootte van de grote boerderijen in Kotten week niet erg af van de overige boerderijen in Winterswijk. Wat verder opvalt is dat behalve de keuters en de Vredense boerderijen de meeste boerderijnamen op "ink"eindigen. Volgens Slicher van Bath, in zijn proefschrift Mensch en Land in de Middeleeuwen (1944) zijn "ink"namen grotendeels voor 1400 ontstaan. Dit zou betekenen dat er in Kotten een groot aantal meer dan 600 jaar oude boerderijen zijn. Wat de namen betreft zijn er naast Goorhuis meerdere boerderijen, die vroeger anders heetten, of in ieder geval anders gespeld werden. Weinigen konden lezen en schrijven zodat de aantekeningen fonetisch werden weergegeven. Soms werd er ook heel slordig geschreven.

Zo schreef men de hele 17e eeuw verschillende boerderij namen in Kotten, Vockinck i.p.v. Fökkink, werd in de 17e en 18e eeuw Giessink en Gielink gebruikt voor Geessink en Gelink, Vardink heette tot ca 1600 Verdebrechtinck, Esink was Eefsink. Boitink en Bouckink is Buitink. Ook voor Kotten werden in de eerste helft van de zeventiende eeuw maar liefst acht verschillende spellingen gebruikt. Zoals: Cotten, Cathen, Katen, Caten, Kathen, Caethen, Cothen, Cath.

Uit de akten in het Rechterlijk Archief Bredevoort en de verpondingsregisters van 1688 en 1703 blijkt dat het aantal boerderijen tussen 1600 en 1700 steeds rond de 30 blijft. In 1683 komt er één bij namelijk Pillen. Verder bleef het aantal gelijk, met de aantekening dat Tilmans Kaete uit 1647 in 1688 is verdwenen, maar Keupenhuis erbij gekomen is. Waarschijnlijk was dit dezelfde boerderij, maar dat is nog niet helemaal duidelijk.

Blijkbaar waren de gevolgen van de 80 jarige oorlog en de invallen van de bisschop van Münster zodanig dat er in de 17e eeuw geen kans was om nieuwe boerderijen te stichten. Pas toen er enige jaren vrede was nam de bevolking en daarmee het aantal boerderijen weer toe. Na 1700 is er zelfs sprake van een explosieve toename. Rond 1750 was het aantal al verdubbeld. Actueel zijn er nu circa 150 boerderijen in Kotten. Hoe deze toename tot stand kwam is momenteel nog onderwerp van onderzoek.

Bron: Stichting historische kring Kotten 



 

 
E-mailen
Bellen